138. Simarubaceae.

Bloemen met kelk en bloemkroon, 4-5-tallig, zelden tweeslachtig,

meest éénslachtig, regelmatig; schijf aanwezig; meeldraden 10 of 5,

zelden vele; vruchtbeginsels 5, min of meer met elkaar vergroeid tot

een bovenstandig, 5-hokkig vruchtbeginsel; boomen of heesters met

verspreide of tegenoverstaande, zelden enkelvoudige, meest gevinde

bladeren zonder steunbladeren.

1a. Boomen of heesters met kleine witte of geelachtige bloemen in

pluimen. Bladen gevind. Bloemen 4-5-tallig. Meeldraden 8-10, aan de

basis met schubben, die min of meer vergroeid zijn. Vruchtbeginsel

4- of 5-hokkig op een schijf gezeten, met één stijl. Vrucht uit 4-5

deelvruchten bestaande Simaba.

1b. Heesters of kleine boomen met groote roode bloemen, 5-tallig

met een lange bloemkroon. Meeldraden aan de basis met dicht behaarde

schubben. Bladeren gevind, bladsteel gevleugeld. Vrucht als de vorige

Quassia. Kwassi-bita.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 486 / 793 题