2b. Bloembladeren vrij of bijna vrij 4

3a. Bloemen volkomen regelmatig. Kelk klein 5-tandig; bloembladeren 5,

vergroeid. Meeldraden 5, alle met helmknoppen, in een buis vergroeid,

die bijna geheel met de bloemkroon samenhangt. Helmknoppen met een

2-lobbig aanhangsel aan de basis. Bladeren 3-tallig Ticorea.

3b. Bloemen min of meer zijdelings-symmetrisch; bloemkroonbuis recht

of gekromd. Meeldraden 5-8, ten deele onvruchtbaar, overigens als

de vorige Galipea.

4a. Bloemen 3-4-tallig met 6 meeldraden. Vruchtbeginsel 3-hokkig

met 1 zaadknop in elk hokje. Heester met 3-tallige bladeren, in de

bladoksel een doorn. Vrucht een bes Triphasia.

4b. Bloemen 4-5-tallig, meeldraden meest meer dan 5, vaak de helmdraden

min of meer met elkaar vergroeid. Vruchtbeginsel 5- tot meer-hokkig met

meerdere zaadknoppen in elk hokje. Bladeren enkelvoudig of 3-tallig,

vaak met doornen in den oksel Citrus.

4c. Bloemen geheel 5-tallig, groot, sterk riekend, meeldraden

10, geheel vrij; bladeren gevind meest met meer dan 3 blaadjes;

vruchtbeginsel meest 2-hokkig, zelden 3-5-hokkig Murraya. Limonia.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 485 / 793 题