13b. Meeldraden 1-3 per bloem 14

14a. Aartjes paarsgewijs aan de as van de aar bevestigd, meest ongelijk

van vorm, de een gesteeld, de andere zittend 15

14b. Aartjes niet twee aan twee aan de as van de aar zittend,

wel soms in 2 rijen, maar dan de beide steeltjes niet op één punt

vastzittend; indien de aartjes soms twee aan twee staan (bij sommige

Paspalum-soorten) dan zijn de steeltjes even lang en de aartjes gelijk

van vorm 20

15a. As van de aar plat met groote holten die aan de buitenzijde

afgesloten worden door het onderste kafje van een aartje; in de aldus

gevormde holte zit de bloem; het zittende aartje van elk paar is

tweeslachtig, het gesteelde vrl.; bloeiwijze een enkelvoudige aar,

die uit de oksels van de bladeren te voorschijn komt Manisuris.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 262 / 793 题