_De beteekenis van iets, dat onduidelijk is, volkomen duidelijk maken._
~Uitleggen~ is: de beteekenis in woorden aangeven: _droomen ~uitleggen~;
een tekst ~uitleggen~_ (als 't ware de deelen uiteen-leggen en ze goed
bekijken); ~verklaren~ is: wat niet helder of klaar is en dus moeilijk
begrepen kan worden, duidelijk maken: _Het ontstaan van dag en nacht
~verklaren~. Den oorlog ~verklaren~_ (= de redenen duidelijk maken).
~Verduidelijken~ zegt meer, dat iets al wel duidelijk is, maar dat men
het toch nog duidelijker wil maken: _Een voordracht door lichtbeelden,
een beschrijving door afbeeldingen ~verduidelijken~._--
~Uiteenzetten~ is: de deelen van een ingewikkelde zaak, te groot
om voor 't eerst in ééns te worden overzien, uit elkaar zetten en den
onderlingen samenhang verklaren, zoodat men een juist begrip van het
geheel verkrijgt; letterlijk: _een stoommachine ~uiteenzetten~_; fig.:
_de beteekenis van een historisch feit ~uiteenzetten~_ (= de oorzaken
aangeven, andere er mee in verband staande feiten noemen, de gevolgen
opsommen, enz.).