_De bewustgeworden voorstelling van hetgeen vroeger geweest is._
~Herinnering~ wijst het vermogen aan, om zich het verledene weer voor
den geest terug te roepen, of wel het is de werking zelf. Slechts in dit
laatste geval is het synoniem met andere woorden en duidt dan alleen het
bloote bewustworden aan. _In dagen van verdriet valt de ~herinnering~
aan gelukkiger tijden ons dubbel zwaar._
~Gedachtenis~ wijst aan, dat iemand of iets in onze gedachten blijft en
dus niet vergeten wordt. Het ziet dus op een voortduren. _Houdt dat in
uw ~gedachtenis~._
~Nagedachtenis~ heeft alleen betrekking op overleden personen, zelfs
van een ver voorgeslacht (dus niet op gebeurtenissen) en duidt het
voortleven in onze gedachten aan. _Tot zijn ~nagedachtenis~ werd voor
hem een gedenkteeken onthuld._
~Aandenken~ drukt uit, dat aan het vroegere (personen of zaken) vaak
gedacht wordt, bijv. hoe de persoon leefde, zoodat hij in levendige
herinnering blijft. _Hij zal in gezegend ~aandenken~ blijven
voortleven._
Opmerking verdient, dat herinnering, aandenken en gedachtenis ook een
voorwerp kunnen aanduiden, waardoor de herinnering, het aandenken of
de gedachtenis wordt levendig gehouden. _Mag ik u dit geschenk tot een
~aandenken~ aan dezen feestdag aanbieden?_ (Zoek ook een voorbeeld van
herinnering en van gedachtenis.)
* * * * *
Wij zullen van ons verblijf in Zuid-Limburg een aangename -- meenemen.
De overledene bleef wegens zijn weldadigheid in gezegend -- voortleven.
Ter -- aan de troonsbestijging der Koningin heeft men op verschillende
plaatsen een linde geplant.
Deze dichter heeft aan de -- van den zeeheld een schoon gedicht gewijd.
Ontvang dit als een -- aan uw eerste bezoek.
Zijn verblijf aldaar liet zoo weinig -- bij de bewoners achter, dat het
weldra uit hun -- verdween.
Dit horloge is nog een -- van mijn overleden oom.
De -- van dezen weldoener der menschheid wordt nog steeds geëerd.