172. Bedenkelijk--zorgelijk--hachelijk--gevaarlijk.

_Deze woorden geven te kennen, dat een toestand of omstandigheid gevaar

oplevert._

~Gevaarlijk~ zegt dit zonder eenige nadere aanwijzing. _Hij lijdt aan

een ~gevaarlijke~ ziekte._

~Bedenkelijk~ drukt alleen uit, dat de toestand ons tot nadenken, tot

ongerustheid stemt, hoewel een gunstige afloop nog niet uitgesloten is.

_De toestand van den zieke is wel ~bedenkelijk~, maar de geneesheer

geeft nog alle hoop._

~Zorgelijk~ geeft te kennen, dat het gevaar groot is; het maakt ons

bezorgd (bevreesd), dat de afloop ongunstig zal zijn. _De zieke heeft

reeds verscheidene dagen lang hevige koorts, zoodat zijn toestand

~zorgelijk~ is._

~Hachelijk~ zegt, dat de kans op een ongunstigen afloop grooter is dan

die op een gunstigen uitslag. (Men zegt ook vaak ~kritiek~.) _Toen de

Republiek in 1672 door vier mogendheden te gelijk werd aangevallen, was

de toestand zeer ~hachelijk~._

* * * * *

In den Franschen tijd was het hoogst --, afkeurend over Napoleon te

spreken.

De toestand van den zieke is --: men heeft reeds de bloedverwanten

ontboden.

Het is een -- verschijnsel, dat de weelde ook in de lagere standen zeer

toeneemt.

Toen de onzen reeds voor den vijand begonnen te wijken, verloor de

veldheer in dit -- oogenblik zijn bezinning niet; kort en krachtig sprak

hij zijn manschappen toe en wist ze met nieuwen moed te bezielen. Een

schitterende overwinning bekroonde hun moed.

Het kan -- zijn, vruchten, die men niet kent, te eten.

Het was een -- waagstuk, met een klein bootje het Kanaal over te steken.

Hoewel de man -- ziek ligt, geloof ik toch, dat zijn toestand niet zoo

-- is, als gij meent.

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 190 / 279 题