145. Afkeeren--afleiden--afwenden--aftrekken.

_Van richting doen veranderen._

~Afkeeren~ onderstelt, dat de richting veranderd wordt, doordat men het

naderende voorwerp weet te doen _keeren_, d.i. draaien in tegengestelde

richting. Ook _wenden_ beteekent wel keeren of draaien, maar meer in een

zijdelingsche richting. _Een gevaar ~afkeeren~_ wil dus zeggen: maken,

dat het zich weer in tegengestelde richting van ons verwijdert, of dat

het teruggaat; _het gevaar ~afwenden~_ beteekent: het gevaar een andere,

zijdelingsche richting geven, zoodat het niet ons, maar mogelijk wel een

ander treft. ~Afkeeren~, dat dus een rechtstreeksch optreden, een

afdoenden maatregel onderstelt, is derhalve sterker dan ~afwenden~;

hierbij toch blijft feitelijk het gevaar bestaan.

~Afleiden~ is ook wel een andere richting aan iets geven, doch wijst een

langzame, bijna ongemerkte richting aan; de beweging blijft wel bestaan,

doch men leidt ze, zooals men ze verlangt. _Toen zij in haar onderhoud

die onaangename zaak dreigde aan te roeren, wist hij behendig het

gesprek daarvan ~af te leiden~._

~Aftrekken~ is sterker dan afleiden; het wijst niet alleen aan, dat de

richting geheel wordt verlaten, maar ook, dat dit met meer of minder

kracht geschiedt. (Denk aan _trekken_!) _Hij heeft zich van de wereld

~afgetrokken~, om zich aan godsdienstige overpeinzingen te wijden._

* * * * *

Het gevaar voor een vijandelijken inval werd --, doordat de regeering de

grenzen geducht liet versterken.

Het gevaar, dat ons huis door de vlammen zou worden aangetast, werd --,

doordat de wind draaide.

Mijn aandacht werd door dit tooneel zoo --, dat ik niet meer op mijn

gezelschap lette.

Om verdere overstrooming te voorkomen, zal men een een gedeelte van het

rivierwater --.

Gij moet trachten zijn treurige gedachten wat --.

Na zooveel ondankbaarheid van zijn gunsteling te hebben ondervonden,

heeft de vorst zich geheel van hem --.

Het voetvolk -- den aanval der ruiterij af, doch hiermee was alle gevaar

voor het leger niet --.

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 162 / 279 题