105. Bedriegen--misleiden--verschalken--foppen.

_Veroorzaken dat het onware voor waar wordt gehouden._

~Misleiden~ zegt letterlijk: op een verkeerden weg brengen en daardoor

dwaling veroorzaken; het wordt steeds figuurlijk gebruikt. _Door het

klatergoud liet de jongen zich ~misleiden~; hij dacht een gouden ring

gekregen te hebben en bemerkte later, dat het slechts een koperen was._

(Het blinkende klatergoud bracht hem op een dwaalspoor; hij meende met

goud te doen te hebben en zag eerst later zijn dwaling in.)

~Bedriegen~ onderstelt schending van vertrouwen met het doel zichzelf te

bevoordeelen: _De boekhouder ~bedroog~ zijn patroon_; of wel, het geeft

een teleurstelling aan in hetgeen men verwacht had: _Hij schreef mij

zelf te zullen komen, maar hij ~bedroog~ mij._--De Grieksche kunstenaar

Zeuxis wist de natuur zoo getrouw na te bootsen, dat de vogels op zijn

geschilderde druiven kwamen afvliegen. Hij ~misleidde~ de dieren,

doordat hij ze op een dwaalspoor bracht (nl. de onechte druiven werden

voor echte gehouden) en hij ~bedroog~ ze tevens, doordat hij hun

verwachting, om er van te kunnen eten, teleurstelde.

~Verschalken~ heeft de bijbeteekenis, dat een list wordt aangewend; het

wordt gebruikt, wanneer de eene partij de andere door zulk een list

tracht te overwinnen of te verzwakken. _De vogelaar ~verschalkt~ de

kwartels_ (hij spant een net met lokaas).

~Foppen~ heeft dezelfde grondgedachte als bedriegen, maar wordt alleen

van onschuldige handelingen gebezigd; bovendien is het bijna uitsluitend

tot de spreektaal beperkt.

Als ik mijn makker een steentje in de hand stop, in plaats van bijv. een

appel, dan ~fop~ ik hem. Vandaar ook: _fopspeen_.

* * * * *

Laat u niet door den uiterlijken schijn --.

De schipper Van Bergen wist de bezetting van 't kasteel van Breda te --.

De rentmeester heeft den graaf op een schandelijke wijze --.

Ik dacht hem mooi te zullen --, maar de oolijkerd was mij te slim af.

Men moet dieven met dieven --.

Door schoone beloften heeft hij zich tot dien stap laten --.

Koop dat paard niet van hem, hij wil u blijkbaar --.

De commiezen wisten de smokkelaars op slimme wijze te --.

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 118 / 279 题