_Overal bekend._
~Berucht~ is: ongunstig bekend staan; ~beroemd~ daarentegen heeft
altijd een gunstige beteekenis: het beteekent bekend zijn tot zelfs
bij het nageslacht door edele daden, door kunst, door wetenschap,
enz. ~Vermaard~ is: van groote bekendheid zijn wegens een of andere
bijzonderheid, dus uitstekende of opvallende onder zijns gelijken. _De
echo van Muiderberg is ~vermaard~. De bokking van Harderwijk was vroeger
~vermaard~._ De vermaardheid behoeft echter niet aan het nageslacht
overgeleverd te worden.
~Befaamd~ kan zoowel in goeden als kwaden zin gebruikt worden, maar is
minder sterk dan beroemd of berucht. Het onderstelt in den regel een
»eigenaardige" bekendheid. _Het ~befaamde~ Staphorster boertje._
~Befaamd~ komt af van Faam, Fama, de godin, die met een bazuin door
de lucht vliegt om de daden der groote mannen bekend te maken; zij
woonde in een paleis met 100 openingen en van klinkend metaal gemaakt.
(Verklaar het zinnebeeld!)--~Berucht~ komt van rucht, dat weer gevormd
is van _roepen_, evenals _kocht_ van _koopen_; er gaat dus een roep
van iemand uit. Oorspronkelijk kon dit ook een _goede_ roep zijn:
»_Beruchte_ Oranjeheld!" maar thans heeft het uitsluitend betrekking op
den _slechten_ roep.--~Vermaard~ komt van _mare_ = tijding, bericht.
* * * * *
Friesland is -- om zijn heerlijke boter.
Sommige stegen en achterbuurten van Amsterdam zijn -- om het gespuis,
dat er woont.
Onze schilders Rembrandt, Jan Steen, Potter e.a. zijn --.
De -- Amersfoortsche keitrekking had plaats op 28 Mei 1903. (Een
»eigenaardige" bekendheid.)
Haarlem is -- om zijn bloembollen.
Jack the Ripper was een -- vrouwenmoorder.
De Nederlanders zijn als waterbouwkundigen alom --.
Sommige kuststreken van Italië zijn -- om hun moeraskoortsen.
De -- vaster Succi kon het 40 dagen zonder eten uithouden.
»Ginds prijkt dat grootsch gebouw, als achtste wonderwerk door heel
Europa --". ('t Stadhuis van Amsterdam.)
»Allen zijn er het over eens, dat de jaren tusschen den zevenjarigen
oorlog en den Amerikaanschen Vrijheidsoorlog, de -- eerste
regeeringsjaren van Willem V, voor de Republiek de vette jaren bij
uitnemendheid zijn geweest". (Prof. Brugmans. Die eerste regeeringsjaren
van Willem V hebben een »eigenaardige" vermaardheid gekregen!)