_Wat niet scherp is._
~Stomp~ zegt men meer van een punt, ~bot~ van de snede: _Een ~stompe~
naald; een ~bot~ mes._ In figuurlijken zin beteekent ~bot~: niet scherp
van verstand, niet snedig, dus dom. _Hij is een ~bot~ mensch, een
botterik._ ~Stomp~ beteekent in overdrachtelijken zin: traag van
begrip of van oordeel, suf. _Door het lange peinzen was hij geheel
~verstompt~._
* * * * *
Dit potlood heeft een -- punt.
Een -- hoek is grooter dan een rechte.
Ik heb mij daarop -- gedacht.
»Hij zwaait het vreeslijk treffend zwaard, door duizend slagen
--geschaard."
De jenever had hem geheel --.