GAAIKE. (Kust haar moeders hand.)

ANNE-MARIE. Nu, als wij je nu zeggen: Gaaike, je mag dien graaf niet

voor het hoofd stooten! Het is voor je geluk, dat we willen, dat je met

hem trouwt!

GAAIKE. (Zwak protesteerend:) Ik hou van Hans ....!

ANNE-MARIE. (Sussend gebaar.) Zul je dan alles doen wat wij zeggen,

Gaaike? Zul je dan morgen met hem trouwen?

GAAIKE. (Smeekend:) Moeder ....

ANNE-MARIE. Nu ....?

Hans de Klokkeluider · 第 38 / 64 题