Een kamer in het huis van Ford.
Falstaff en Juffrouw Ford komen op.
FALSTAFF. Juffrouw Ford, uw leedwezen heeft mijn lijden verslonden. Ik
zie, dat gij toewijding bezit in uw liefde en dit zweer ik u te
vergelden tot de breedte van een haar toe; niet alleen, juffrouw Ford,
met eenvoudige liefdediensten, maar met al het toebehooren, bijbehooren
en ceremonieel der liefde. Maar zijt gij nu veilig voor uw man?
JUFFROUW FORD. Hij is op de vogeljacht, waarde Sir John.
JUFFROUW PAGE (achter het tooneel). Hola, lieve juffrouw Ford, hola!
JUFFROUW FORD. Spoedig, Sir John, spoedig! die kamer in.
(Falstaff af.)
(Juffrouw Page komt op.)
JUFFROUW PAGE. Zeg eens, mijn waarde, er is toch niemand hier in huis
behalve gijzelf?