Een dozijn pisangs, (p. radja, p. radja seréh of p. soesoe), 3/4 flesch
water, het sap van 2 djeroeks-nipis, 1 pond suiker, 3/4 flesch room.
Bereiding:
De suiker met het water, gedurende vijf minuten gekookt, gezeefd,
bekoeld, daarna er het djeroeksap met de aan stukken gesneden pisangs
(die natuurlijk geschild zijn) er door geroerd. In de ijsbus laten
koud worden; is deze massa half bevroren, dan wordt er de geslagen
room doorheen geroerd en laat men dit mengsel hard worden
N.B. Bij ananas en manggis wordt geen room gedaan.