Een kwart pond meel, 2 ons geraspte javaansche suiker, 1/2 theelepel
fijngestampte kaneel, 1 theelepel geraspte notemuskaat, evenveel
kruidnagelgruis, de geraspte schil van 1/2 djeroek-nipis, 1/2 theelepel
fijne peper, eenige snippers en fijne sukade, slaolie, zout, 6 eieren.
Bereiding:
De dooiers klutst men, met de suiker, voegt er daarna het geklopte
eiwit bij, met het meel en roert vervolgens de specerijen er
door. Wanneer dit beslag gereed is, bestrijkt men een vorm met slaolie
en stort dit nu in den vorm. Men bakt ze eerst met een weinig vuur
boven en veel vuur onder, gedurende 3/4 uur.