Een pond meel, 3/4 pond suiker, 1/2 pond boter, 1 lepel rozenwater,
1 theelepel fijne kaneel.
Bereiding:
Het meel wordt met de suiker en de boter dooreen gekneed, daarna het
rozenwater er doorheen gemengd, met de kaneel. Vervolgens rolt men
dit deeg, niet te dun, op de plank uit (1/2 cM dik), en snijdt er
schuine reepjes of biesjes van twee à drie cM. van. Deze worden in
een heeten oven, met onder en boven vuur, gaar gebakken.