Een ons fijn poedersuiker, versch geslagen eiwit.
Bereiding:
De suiker wordt met het versch geslagen eiwit, dat goed geklutst moet
zijn, zoolang geklopt, tot de massa opstijgt en stijf staat. Dit wordt
in een pot of eene kom overgestort en vervolgens met een vochtigen
schoonen linnen doek toegedekt.
Wanneer men eenig gebak of taart wil versieren, maakt men een papieren
peperhuis, waarvan het puntje is afgenomen, doet er een lepel van het
glazuur in en laat dit op het gebak afloopen. Men kan, op deze wijze,
òf het geheele vlak met glazuur overdekken, òf er, van glazuur, letters
en figuren op maken. Het glazuur dat men laat afloopen, mag niet te
dik zijn; de dikte van een draad wol is voldoende. Wordt het glazuur,
door het staan, dun, dan doet men er weder een weinig azijnzuur bij
en klopt het wederom stijf.