635. SAGON GOELOENG.

Een pond fijngestampt ketanmeel (dit meel wordt dus nog eens

fijngestampt), 3/4 glas jong klapperwater of, bij gebreke, dezelfde

hoeveelheid koud water met zout, waarin een weinig suiker.

Verder: 2 niet te oude geraspte klappers, 2 1/2 kopje goela djawa

stroop, 1 lepel witte suiker en 1 eetlepel ketanmeel.

Bereiding:

Men maakt van het ketanmeel met het klapperwater een beslag als voor

pannekoeken; is dit te dik, dan voegt men er nog wat klapperwater

bij. Nu kookt men de ingrediënten: geraspte klappers, stroop, suiker en

de lepel ketanmeel dik op, zoo, dat men er een deeg van kan bereiden,

waaruit rolletjes kunnen gemaakt worden zoo lang en zoo dik als de

middelvinger. Van eerstgenoemd beslag maakt men in een platte aarden

koewali dunne pannekoekjes, waarin men een rolletje doet, de koekjes

vervolgens dicht slaat, de punten omvouwt, even door laat bakken en

ze daarna uitneemt.

Telkens wordt, als men een nieuwen pannekoek bakt, de koewalie goed

droog geveegd.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 680 / 1109 题