Een kattie ketan, santen van 2 oude klappers, javaansche suiker
naar smaak.
Bereiding:
De ketan wordt gaar gekookt; daarna kookt men de santen met de
javaansche suiker op, tot er de olie uitkomt. Roer er dan vlug de
gekookte ketan door en als dit goed vermengd is, stort men het op
een schotel en laat het koud worden.
Daarna snijdt men het aan kleine vierkante stukken en dient het
aldus voor.