605. KWÉE PILOW I.

Een kopje bloem, 1 bierglas water, 2 lepels boter, 6 eierdooiers,

boter en olie, fijne suiker.

Bereiding:

Het water kookt men op met de boter en laat dit daarna

bekoelen. Vervolgens roert men er het meel mede aan, zoodat dit niet

klontert. Zet dit deeg te vuur en roer het aanhoudend, tot het gaar

en een dikke brij is. Nu klopt men de zes eierdooiers tot zij wit

worden en roert die door de dikke brij. Hiervan maakt men balletjes,

die men in half boter half olie bruin bakt. Ze worden, warm, met

witte suiker voorgediend.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 650 / 1109 题