(andere bereiding.)
Een kattie rijstmeel. santen van een klapper, 1 kopje
goela-djawa-stroop, 4 eieren, klapperolie
Bereiding:
Men maakt twee soorten van beslag, het eene: rijstmeel deeg en het
andere: eierenbeslag, als volgt:
1. De helft van de santen wordt gekookt en met de helft van de
hoeveelheid stroop door het rijstmeel geroerd.
2. De eieren worden geklutst en met de ongekookte overgeschoten santen
en de rest stroop dooreen geroerd en tot beslag geklopt.
Men bakt deze koekjes als hierboven (No. 595) en doet in elken
poffertjesvorm een lepel rijstdeeg en daarop een lepel eierbeslag. Met
van onder en boven vuur moeten de koekjes, gaar zijnde, lichtbruin
zijn.