593. KWÉE LAPIS, (SPEKKOEK) III.

Een half pond bloem, 1/2 pond boter, 20 eieren, het wit apart geklutst,

een of ander soort gelei.

Bereiding:

De eierdooiers klopt men met de suiker, tot het wit wordt; de boter

smelt men en roert dit langzaam, met het meel, door de geklutste

eieren. Daarna voegt men er het tot schuim geklopte eiwit bij. Men

bakt hiervan drie dikke lagen, in een springvorm.

Wanneer de lagen, een voor een, gaar zijn--men bakt elke laag

afzonderlijk gaar--dan doet men er gelei tusschen en plaatst de lagen

op elkander. De koek wordt van buiten, in de rondte, geglaceerd en

van bovenop met ingelegde vruchten of suikerwerk versierd.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 638 / 1109 题