427. KERRIE-SOEP II.

Een groote en een kleine kip, een stuk koenjit ter vingerlengte,

1 lepel ketoembar en 1/2 lepel djienten, samen droog gebraden en

fijngestampt, 4 schijfjes laos, 4 schijfjes djahé, 3 lomboks zonder

pitten, 15 fijngesneden uitjes, 4 sioongs bawang-poetih, 1 theelepel

gebrande trassie, een bord vol gebraden uien, stukjes geroosterd

brood, djeroek-sap en harde eieren in vierde parten gesneden, boter,

1 theebordje vol geweekte laksa of soön, een bordje vol gepelde

gekookte gemalen.

Bereiding:

Beide kippen worden in stukken gesneden, terwijl van de borsten en de

dikke dijbeenderen het vleesch wordt fijngehakt en tot frikadelletjes

gevormd. Van het overige kookt men sterken bouillon. De kruiden worden

fijngestampt en in boter bruin gebraden. Voeg hier de frikadelletjes

bij, fruit dit samen op, doe er daarna de gebraden uien bij, met zout

en peper naar smaak en leng dit met den bouillon aan. Daarna doet

men er de geweekte laksa en de garnalen bij en kookt dit nog even

samen op. Men dient deze soep warm voor; met het geroosterde brood,

de vierde parten eieren en het djeroek-sap.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 460 / 1109 题