200 oesters, 1/2 geraspte notemuskaat, 1/2 theelepel peper, 1 theelepel
gestampte foelie, 3 eetlepels gestampte beschuit, 2 1/2 eetlepel boter,
het sap van 4 djeroek-nipis, een weinig bouillon, een pastei-korst.
Bereiding:
De oesters worden uitgehaald en schoongemaakt. Daarna mengt men al de
specerijen met de beschuitkruim, boter, djeroek-sap en oesters dooreen
en kookt dit samen even in een kop bouillon op. Vervolgens doet men
dit alles in een goed met boter besmeerden basi kasar en legt er een
pasteikorst overheen. Doe wat boter op de korst en bak dit gerecht,
met van boven vuur, lichtbruin.