352. IKAN SANGER BANDANG.

Een middelmatig groote visch, 15 kemiries, 3 lomboks, 6 sioongs

bawang-poetih, 5 schijfjes laos, een kwart vingerlengte koenjit,

1 theelepel trassie, twee vingerlengten seréh, een eetlepel asem,

santen van 1 klapper, zout naar smaak, boter of klapperolie.

Bereiding:

De visch wordt aan mooten gesneden, met zout ingewreven en

gebakken. Daarna worden al de kruiden, ook de asem, bij elkander

fijngestampt en, in olie, half gaar gebraden. Doe vervolgens de mooten

visch met de santen bij deze kruiden en laat alles samen doorkoken,

tot de saus dik wordt.

Als dit gerecht gaar is, worden de mooten er voorzichtig uitgenomen,

op een schaal gerangeerd en met de saus overgoten.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 378 / 1109 题