Visch, 10 kemiries, 8 afgekookte en uitgehaalde lomboks, 1 theelepel
trassie, 5 schijfjes laos, 5 schijfjes kentjoor, 6 schijfjes
temoekoentji, 10 fijngesneden uitjes, santen van een klapper,
klapperolie,
Bereiding:
De visch wordt eerst in zijn geheel gebraden; daarna worden de kruiden
samen fijngestampt en met de santen gekookt, tot de olie er uitkomt
en het rood uitziet. Deze saus wordt over den visch gegoten.
Men kan, desverkiezende, den gebraden visch met deze saus samenkoken
en hem aldus voordienen.