10 varkenskarbonades, zout, peper en notemuskaat naar smaak, 1/2
theekopje ketjap, 2 eetlepels water, het sap van 1 djeroek-nipis,
1 lepel gesmolten boter, beschuitkruim, boter.
Bereiding:
Men wrijft de karbonades in met peper, zout en notemuskaat. Vervolgens
maakt men een sausje van het djeroeksap, de ketjap, de gesmolten boter
en 't water. Rooster de karbonades en besprenkel ze, aan alle zijden,
met deze saus, tot ze gaar zijn.
Men kan ook de karbonades in een oven braden en ze met deze saus
overgieten. Nu en dan moeten de karbonades worden omgekeerd, opdat
ze aan beide zijden goed gaar gebraden worden. De overgeschoten jus
bindt men dan met beschuitkruim en dient men deze bij het vleesch voor.