231. KALKOEN.

Een kalkoen, 1 1/2 pond varkensgehakt, een fleschje truffels, 1/2

brood, geweekt in melk, de geraspte schil van 1/2 djeroek-nipis,

2 eieren, zout, peper en notemuskaat naar smaak, boter, 1 kopje madéra.

Bereiding:

Van de bovengenoemde bestanddeelen maakt men gehakt, vermengt dit

met de madéra. De kalkoen wordt schoongemaakt en gerookte tongmet

peper en zout ingewreven, daarna met twee lepels boter binnen-in

besmeerd, vervolgens het bereide gehakt er in gedaan. Daarna naait

men den kalkoen dicht en braadt hem, gedurende drie à vier uren,

in boter bruin.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 253 / 1109 题