187. KÉLIA.

Een kip, 3 lepels fijngesneden uien, 1 theelepel peper, 1 lepel

ketoembar, 3/4 lepel djienten, 5 schijfjes djahé, 5 schijfjes laos,

1 lepel fijngesneden seréh, 3 schijfjes kentjoor, 1 of 2 lomboks,

4 à 5 kemiries, 2 lepels gebraden uien met trassie-water vermengd,

1 theelepel suiker, santen van 1/2 klapper, zout naar smaak, 2 lepels

asem-water, boter of klapperolie.

Bereiding:

De kip wordt geroosterd (in haar geheel) en daarna met het asem-water

ingewreven. Vervolgens worden de tien eerstgenoemde kruiden bij

elkander fijngestampt en met olie gebraden. Voeg dan de gebraden uien

met trassie-water en een theelepel zout er door heen, vervolgens de

santen en de suiker, snijd de kip aan stukken en kook deze in het

mengsel, tot ze gaar zijn en de olie er uitkomt.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 208 / 1109 题