126. PETIS BOEMBON OF PETIS DJAWA.

2 à 3 lepels rauwe petis, 4 lepels fijngesneden uien, 4 sioongs

bawang-poetih, 1 heele en 1 fijngesneden lombok, 5 schijfjes laos, 5

schijfjes djahé, 6 schijfjes temoekoentji, 2 volle lepels fijngesneden

seréh, 1 theelepel trassie, 1 theelepel fijngesneden koenjit,

1 theelepel zout, 1 theelepel suiker of een stukje goela-djawa,

2 lepels asem- of djeroek-water, 2 djeroek-poeroet-bladeren, 1 daon

salam, boter of klapperolie.

Bereiding:

Met uitzondering van de fijngesneden lomboks en de opgegeven bladeren,

worden al de overige kruiden samen fijngestampt, daarna in boter

of olie gefruit, vervolgens de petis er bij gedaan en dit te samen

geroerd, tot de petis gesmolten is. Daarna roert men er het asem-water

door heen. Laat dit nog even samen koken en voeg er daarna de santen

bij. Koken tot de olie er uitkomt.

N.B. Men kan ook gesneden petée-boontjes met deze petis samen opkoken.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 144 / 1109 题