115. SAMBEL PETIS.

4 lepels rauwe petis, 3 lepels fijngesneden uien, 2 sioongs

fijngesneden bawang-poetih, 2 fijngesneden lomboks, 1 lepel

fijngesneden temoe koentjie, 1 theelepel fijngesneden laos, 1 1/2

lepel fijngesneden seréh, 2 theelepels trassie, een weinig suiker,

naar smaak, 1 of meer kopjes asem-water, 2 djeroek-poeroet-bladeren,

een salam blad, zout, santen een kopje vol, en evenveel warm water,

boter of klapperolie.

Bereiding:

Bovengenoemde kruiden, met uitzondering van de petis, trassie, lomboks,

de djeroek-poeroet- en salam-bladeren, worden fijngestampt en in goed

boter of olie gefruit; daarna, als de uien bijna gaar zijn, maakt men

de trassie met wat water fijn en voegt dit met het asem-water en het

kopje warm water bij de gebraden kruiden; vervolgens doet men hier de

vier lepels rauwe petis bij en roert er in, tot de petis versmolten

is. Daarna doet men er de djeroek-poeroet- en salam-bladeren bij,

laat dit alles goed koken, voegt er dan de santen bij en laat alles

hierin doorkoken, tot de olie er uitkomt.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 133 / 1109 题