30 à 40 lomboks, 2 eetlepels fijngesneden uien, 5 sioongs
bawang-poetih, 6 schijfjes laos, 1 theelepel trassie, 1 eetlepel
bruine of javaansche suiker, 1 à 2 lepels asem-water, 1 theelepel zout,
een kopje santen. Boter of klapperolie.
Bereiding:
De lomboks worden in de lengte doorgesneden en de pitten er
uitgehaald. Daarna worden zij fijn gestampt met wat zout en even in
boter opgebraden. Nu stampt men de kruiden fijn en braadt ze ook in
boter, voegt er de fijngestampte lomboks bij met het asem-water en
laat dit samen nog een tijdje doorbraden. Eindelijk voegt men hier
de santen bij en laat alles verder doorbraden tot de olie er uitkomt.