46. KERRIE BENGGALA II.

12 hardgekookte en doorgeprikte eieren, twee vingerlengten koenjit,

2 lepels fijngesneden lombok, 2 lepels fijngesneden uien, 4 sioongs

fijngesneden bawang-poetih, eenige schijfjes laos, 1 eetlepel

ketoembar, 3/4 eetlepel djienten poetih, 1 theelepel fijne peper.

Verder: twee vingerlengten seréh, 4 à 5 kruidnagels, 4 schijfjes

djahé, 1 theelepel mosterd, 4 lepels gebraden uien, santen van 1 of

2 klappers. Zout naar smaak.

Bereiding:

De eerste serie kruiden wordt fijngestampt, in boter bruin gebraden

en daarbij de eieren in hun geheel gefruit.

De mosterd lengt men met een weinig santen aan, voegt dit met de,

later opgenoemde, kruiden bij de eieren samen en doet hier de santen

bij. Laat alles koken tot het een dikke saus wordt.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 60 / 1109 题