2 pond rijst, een twintigtal gevlochten mandjes van klapperbladeren
[ketoepat huisjes].
Bereiding:
Men wascht de rijst eerst goed schoon, vult daarna de ketoepathuisjes
een weinig meer dan halfvol, sluit de opening der mandjes en koekoest
ze of kookt ze in water gaar, telkens dit water met warm water
aanlengende, als het verdampt.