HETGENE HIERONDER STAAT IS AAN DE WANDEN VAN DE WARABURGT GEGRIFT.

(Zie plaat I.)

Wat hier boven staat, dat zijn de teekens van het Juul, dat is het

eerste zinnebeeld van Wralda, ook van den aanvang of het begin, waaruit

de Tijd is voortgekomen; deze is de Kroder, die eeuwig met het Juul

moet rondloopen. Hiernaar heeft Frya het staand schrift gevormd,

't welk zij gebruikte voor hare tex. Toen Fasta eeremoeder was,

heeft zij er het run of loopend schrift van gemaakt. De Witkoning

d. i. Zeekoning Godfried, de oude, heeft er afzonderlijke getalteekens

van gemaakt voor het staand en loopend schrift beide. Het is daarom

niet te veel dat wij er jaarlijks eenmaal feest voor vieren. Wij

mogen Wralda eeuwig dank wijden, dat hij zijn geest zoo krachtig

over onze voorvaderen heeft laten varen. In haren tijd heeft Finda

ook een schrift uitgevonden; maar dat was zoo hoogdravend en vol

met franjes en krullen, dat de nakomelingen de beteekenis daarvan

spoedig verloren hebben. Naderhand hebben zij ons schrift geleerd,

met name de Finnen, de Thyriers en de Krekalander. Maar zij wisten

niet goed, dat het van het Juul gemaakt was, en dat het daarom altijd

moest geschreven worden met de zon om. Bovendien wilden zij dat hun

schrift voor andere volken onleesbaar zoude wezen, omdat zij altijd

geheimnissen hebben. Zoodoende zijn zij zeer van de wijs geraakt,

dermate, dat de kinderen de schriften hunner ouderen bezwaarlijk kunnen

lezen; terwijl wij onze alleroudste schriften even gemakkelijk kunnen

lezen als die, die gisteren geschreven zijn.

Hieronder is het staand schrift, daaronder het loopend schrift,

vervolgens de getalteekens op beide wijzen.

(Zie plaat II.)

Thet Oera Linda Bok, Naar een Handschrift uit de Dertiende Eeuw · 第 30 / 118 题