Liefst door de politie op te lossen.
Vele misdadigers vergaderd in alle landen,
Saâmverbonden door innige banden,
Vonden hun „hoofd”
Als begeerlijk ooft,
Gebonden met touwen zoo vast,
Wat gedaan had een oolijke gast.
De gast ging aan ’t werk,
’t Scheen een ster aan het zwerk,
En leverde zonder politie,
Alles aan de justitie.
Wie of dat nu wel wezen kan?
Ook Raffles had zoo’n ding in handen genomen en keek van Baxter naar
„de vloo” en van dezen weer op het net beschreven papier.
Niemand keek meer iets verder, men staarde zich blind op het raadsel.
Baxter’s aderen zwollen op.
Hij gevoelde zich ontzettend beleedigd en wilde zich wreken.
Opeens hoorde men een auto wegrijden en alle drie renden naar het raam
toe.
Een gesloten auto ging juist de brug over.
Raffles glimlachte onmerkbaar.
Want het was Charly, die met La Rougière ging naar Londen, om hem daar
over te leveren aan den officier van justitie.
Even later kwam de stomme huisknecht met een briefje naar binnen.
Baxter, die slecht lezen kon, gaf het aan „de vloo”, die daarop
voorlas:
Mijnheer de Inspecteur.
Hoe gaat ’t u? Mij gaat het bijzonder. Ik achtte het niet van
belang ontbloot om u eens te laten zien dat ik ook zeer goed
politiewerkzaamheden kan verrichten. Ik zal ter bevoegder plaatse
mededeelen, dat u weer absoluut geen enkelen maatregel durfde nemen
in zake deze nihilistenbende.
Die Pfanstehl deed iets, maar was mij te onhandig.
Als ge niet gevangen genomen wilt worden, zorg dan dat ge binnen ’t
uur van „Bartram-Haugh” zijt, want binnen dien tijd vliegt ’t slot
de lucht in.