33. DE BLAREN EN DE BLADEN.

De bollen zijn weer uitgebloeid,

De fijne blaadjes uitgegroeid,

Een buitje heeft den grond besproeid,

Weer botten knop en sprietje;

De lieve lente is weer daar,

Zoo volgen eeuwig, ieder jaar

De jaargetijden op elkaar —

’t Is altijd ’t oude liedje.

’t Is altijd weer dezelfde geur,

Dezelfde vorm, dezelfde kleur,

Natuur-zelf volgt den ouden sleur

Bij bloemen en bij planten......

Zoo is ’t ook steeds dezelfde taal,

Gedachtelooze woorden-praal

Van beeldspraak, kreupel en banaal,

In onze mooie kranten.

Het eene blad „staat op de bres”,

En dadelijk, een stuk of zes,

Jaloersch van ’t litterair succes,

Die nemen ’t termpje over.

Oorspronkelijk zijn? Onnoodig is ’t,

Dat heeft ’t publiek allang beslist,

Neen, ben j’ ’n handig journalist,

Dan steel je als een roover.

Je bouwt maar na van „pal te staan,”

Van ’t „scharen onder iemands vaan,”

Van „ergens niet op in te gaan,”

Van „wij staan in het teeken,”

Van „’t spreekt boekdeelen,” „’t dierbaarst pand,”

Of van „de Hoop van ’t vaderland,”

Van „’t eer’saluut” en van „de hand

In eigen boezem steken.”

„Schouder aan schouder” trek je op,

Zet „d’ argumenten op hun kop,”

„Schuift in de schoenen,” „zet iets stop;”

Ook moet je niet vergeten:

„De heeren van de overzij,”

Kom ook eens iemand „in ’t gevlij,”

Noem „kopstukken van de partij,”

Of gooi weer „roet in ’t eten.”

Of doe zoowat met Kuyper mee,

Spreek altijd van „de zwakke stee,”

Zeg „niet alsof,” vervang gedwee

„In plaats van” door „in stee van!”

Zeg „ingeperkt,” en „metterdaad,”

Zorg dat je niet van kiesrecht praat,

„d’ Electorale questie” staat

Veel mooier!...... ’k word er wee van!

Zoo is het steeds dezelfde taal,

Gedachtenlooze woorden-praal

Van beeldspraak, kreupel en banaal

In onze mooie kranten......

Ook is het steeds dezelfde geur,

Dezelfde vorm, dezelfde kleur,

Natuur-zelf volgt den ouden sleur,

Bij bloemen en bij planten.

Maar wat ik daarvan zeggen wil

Is dit: het kardinaal verschil

Verzwijg ik — die zoo graag bedil —

Verzwijg ik, noch verheel ik.

Der boomen groene zomertooi,

In Holland, Gelderland of Gooi,

De _blaren_, blijven altijd mooi,

De _bladen_ — altijd leelijk!

Ruize-rijmen · 第 213 / 248 题