17b. Bladeren tegenoverstaand 19

18a. Bladeren ingesneden. Bloemen in tot pluimen samengestelde

trossen. Hoofdjes in 2 vormen op dezelfde plant; de vrouwelijke

éénbloemig met één bloem zonder bloemkroon en een vergroeidbladig

omwindsel dat de vrucht insluit en op de rugzijde 4-8 knobbels heeft;

het mannelijke hoofdje veelbloemig, nooit vruchtdragend met een platte

bloembodem; bloemen wit Ambrosia.

18b. Hoofdjes in groepen van 2-6 in de bladoksels zittend. Bladeren

niet ingesneden. Hoofdjes 20-30-bloemig, alle bloemen gelijk

van vorm, wit tot rood. Bloemkroon 3-4-deelig. Bloembodem zonder

schubben. Omwindsel in meerdere rijen. Vrucht 3-4 hoekig, aan den

top diep komvormig Sparganophorus.

19a. 12-20 hoofdjes tot groepen vereenigd; elk hoofdje bestaande

uit één vrouwelijke fertiele bloem met 4 tweeslachtige, steriele

eromheen; de 5 bloemen omgeven door een 4-bladig omwindsel, waarvan

de blaadjes paarsgewijs tegenover elkaar staan. Vrucht plat. Bloemen

wit of roodachtig Riencourtia.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 782 / 793 题