276. Campanulaceae.

Bloemen meest 5-tallig, zelden 6-10- of 3-4-tallig, meest tweeslachtig,

regelmatig of zygomorf; bloemkroon meest vergroeidbladig; meeldraden

meest 5 met vergroeide helmknoppen; vruchtbeginsel onderstandig,

2-5-hokkig met vele zaadknoppen; stijl 1; vrucht een doosvrucht,

zelden een bes; kruiden, zelden houtige planten meest met verspreide

bladeren en vrij groote bloemen; melksap soms aanwezig.

Kruiden met okselstandige bloemen; vruchtbeginsel

onderstandig; kelkslippen smal; bloemkroon een gekromde buis met

zijdelings-symmetrische zoom; meeldraden 5, met de helmknoppen om den

stijl vergroeid; helmdraden van onderen met de bloemkroon in een buis

vergroeid. Vrucht een bes Centropogon.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 769 / 793 题