186. Theaceae.

Bloemen tweeslachtig, regelmatig; kelkbladeren 5-7, soms in een spiraal

staand; bloembladeren 5-9, soms aan de basis wat vergroeid; meeldraden

5 tot vele, soms tot groepen vereenigd; vruchtbeginsel 3-5-hokkig;

soms 2- tot veelhokkig; met 1 tot vele zaadknoppen in ieder hokje;

1 of meer stijlen; vrucht meest een doosvrucht; houtige planten

met enkelvoudige, meest verspreide bladeren zonder steunbladeren;

bloemen vaak groot.

1a. Kelk en bloembladeren 5-6, meeldraden talrijk met bewegelijke

helmknoppen, van onderen een weinig vergroeid of in bundels voor de

bloembladeren staand, vruchtbeginsel 5-10-hokkig met 3-10 stijlen of

zittende stempels Haemocharis.

1b. Kelk- en bloembladeren 5; kelk met twee aangedrukte

bloemsteelblaadjes. Meeldraden talrijk in twee rijen. Helmknoppen

vastgegroeid. Vruchtbeginsel 2-4-hokkig met 1 stijl Ternströmia.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 580 / 793 题