32b. Bloemen alleenstaand of in groepen in de bladoksels,
gesteeld. Kelkbladeren 6-4, meest in 2 kransen, mnl. bloemen met 2-6
meeldraden, meest 3 of 5 meeldraden met losse of vergroeide helmdraden
(zeer zelden meer dan 6 meeldraden). Stijlen 3, vrij of vergroeid,
gedeeld of ongedeeld. Bladeren vaak in 2 rijen gezeten, zoodat de
bebladerde tak op een gevind blad gelijkt. Kruiden of heesters
Phyllanthus. Bita-wiwirie, Finie-bita.