102. Lauraceae.

Bloemen met een bloemdek, meest 3-tallig, twee- of éénslachtig,

regelmatig; bloemas beker- of schotelvormig; bloemdekbladeren

klein, in twee kransen; meeldraden in 3-4 kransen, daarvan

sommige soms staminodiaal; de helmknoppen met klepjes zich openend;

vruchtbeginsel 1, éénhokkig met 1 zaadknop; vrucht later omgeven door

de vleezig-wordende bloeias; boomen of heesters met meest leerachtige

en afwisselende bladeren zonder steunbladeren.

1a. Parasieten zonder groene bladeren, met dunne klimmende stengels,

kruidachtig Cassytha.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 413 / 793 题