83. Phytolaccaceae.

Bloemen meest met een bloemdek, zelden met kelk en bloemkroon, twee-

of eenslachtig, regelmatig; bloemdekbladen 4-5, vrij of vergroeid;

meeldraden 4-5 of vele; vruchtbeginsel 1 of meerdere vrij of vergroeid,

met 1 tot meerdere stijlen; in ieder vruchtbeginsel slechts één

zaadknop; bovenstandig, zelden onderstandig. Kruiden of heesters met

ongedeelde bladeren en kleine bloemen.

1a. Klimmende heesters met telkens 2 dorens naast den voet van de

bladsteel. Bloemen in pluimen aan het eind van den stengel; bloemdek

5-deelig, meeldraden talrijk, vruchtbeginsel 1 zijdelings samengedrukt;

vrucht plat met een lange vleugel Seguieria.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 388 / 793 题