De lessen begonnen, maar Mies kon er niet met haar gedachten bij
blijven. Telkens keek ze om. Kwam Doortje nog niet? Dan was 't zeker
wel vreeselijk erg.
De noten lagen haar als lood in den zak.
Eindelijk, daar ging de deur open. De Directrice bracht Doortje zelf
binnen. Ze zag er heelemaal niet boos uit, maar Doortje had een behuild
gezichtje. Nu fluisterde de Directrice een heelen tijd met de Juffrouw,
die toen ook heel vriendelijk tegen Doortje was.
In de eerste oogenblikken zaten ze allen heen en weer te draaien en
haar aan te staren.
Toen de les werd voortgezet, ging 't al wat beter en toen de Juffrouw
begon te vertellen, zooals ze 't laatste uur 's Donderdagsochtends
altijd deed, werden ze weer geheel rustig.
't Was dan ook zoo'n mooi verhaal over een jongetje, dat in huis kwam
bij een groot gezin, waar de kinderen niets lief voor hem waren en
hem nooit meetelden, maar die hij toch langzamerhand door allerlei
kleine vriendelijkheden voor zich wist te winnen.
Mies kon 't niet helpen, dat ze gedurig aan Doortje moest denken. Er
waren er wel meer, die aan Doortje dachten. Dat kon je wel zien aan
het tot over de ooren kleuren van sommigen en het niet durven opkijken
van anderen. Maar Mies liet 't niet bij denken alleen. Om twaalf uur
wachtte ze Doortje op en stopte haar op eens de noten in de tasch;
die kon ze nu gewoon niet houden!--
Doortje keek er nu niet donker om. Neen, ze lachte Mies, die haar
gezellig een arm gaf, toe, door haar tranen heen, en fluisterde,
een beetje verlegen nog, maar toch overgelukkig: "Die eet ik nooit
op--ik bewaar ze onder in mijn kastje en ik zal mijn Pa en Ma in
Indië schrijven, dat jij zoo lief voor mij bent, ja?"
Even later vertelde zij met een stralend gezichtje aan Tante, dat haar
beste vriendinnetje op haar jaardag zou komen; aan die had ze genoeg;
en of ze dan mocht blijven eten ook.
En op 't verwaarloosde plekje grond liet de noteboom, de oude vriend
van de kinderen, voor en na al zijn noten tusschen de distels en
brandnetels rollen. Slechts enkele kwamen er nog terecht bij de
speelplaats, vlak bij 't hek, waar Doortje toen dien ochtend over
was geklommen.