HERDENKEN.

De laatste gele boterbloem,

Die bloeide tusschen 't dorrend gras,

Deed mij den tijd gedenken toen

Het Lente en zij nog bij mij was.

Die Lente-tijd keert nimmer weer,

O, Leven, wat is uw droefnis groot,

Al wat zoo schoon is, is zoo teer

Zoo broos,--zoo wreed de Dood.

Die kent geen bloemen en geen licht,

Die geeft alleen--mag 't zijn--de rust,

Als hij geveld heeft met zijn zicht

Al harte'-en oogenlust.

* * * * *

IV. Verzen uit het Boek

"Van Later Dagen".

Aan mijn vrouw en Willem.

* * * * *

Gedichten(#15273) · 第 78 / 100 题