HEEL MIJN LEVEN.

Mijn lief is blij, zij lacht en zingt

En schittert in de zonneschijn;

Als zij zóó héél mijn leven zingt

Kan nooit mijn leven lijden zijn.

Ja! zang en lachen duren kort

Als bloemen in den zomerdag;

De zomer sterft; de bloem verdort:

Zoo sterft der menschen zang en lach.

Maar nu der zonne gouden val

Vloeit langs gelaat en blinkend kleed,

En zij gaat zingend of zij zal

Zóó eeuwig zingen zonder leed,

Nu voel ik--of 'k mij zelven wieg

In droomen die maar kort bestaan

't Is beter zoo 'k mij zelf bedrieg

Dan 't leven droomloos door te gaan--

Nu voel ik zaal'ge vreugde in mij

Bij 't luistren naar heur lach en zang

Want weet, wát blijve of ga voorbij:

Dát hoor ik héél mijn leven lang.

* * * * *

Gedichten(#15273) · 第 51 / 100 题