HET KASTEEL.

Voor onze blikken rees nu 't oud Kasteel

Met hoogen toren tusschen iep en eiken,

Waar duizend bloemen stonden stralend geel

Op 't groene grasveld in de zon te prijken.

Die zware wanden zagen de eeuwen wijken,

Trotseerend Tijd en Stormwind en Houweel,

Geslachten sterven, val van koninkrijken

Als viel slechts hun de onsterfelijkheid ten deel.

En, zooals vaak in 't Leven 't trotsche en teere

Vereend zijn, speelde op 't geel-bebloeide groen

Een kinderschare, in roze en witte kleeren,

Luid-juichend om den gouden zomer-noen,

Zóó blij, zóó blij, als zou nooit leed hun deren

Geen Dood dit broze schoon verwelken doen.

* * * * *

Gedichten(#15273) · 第 45 / 100 题