De vrijer spreekt tot de vrijster "met een ghebroken maeghdekrans."

"De nieu-gepluckte bloem, niet lange na de dagen,

Dat sy den maeghdekrans niet meer vermocht te dragen."

"Een snelle schicht op my gevallen....

Die trof mijn teere maeghde-krans."

Vgl. het lied bij Willems, Ovla. Lied nº. 135; Verwijs,

Mnederl. Bloeml., p. 128.--Kalff, Lied i. d. ME., 153, 277, 381,

521.--"Verloren hab ich mein Rosenkranz," Böhme, Altd, Liederb. 152.

Spaens Heydinnetie · 第 29 / 59 题