TWEE MEDEDINGERS OM HET KONINGSCHAP.

Een van de treffendste gezichten op het vasteland van het westelijk

halfrond zijn de groote kudden buffels, of beter genaamd bisons, daar

er in Noord-Amerika geen eigenlijk gezegde buffels zijn. Zoover het

oog reikt, ziet men niets als groote, ruige gedaanten. Zij behooren

tot de laatste vertegenwoordigers van de groote, viervoetige dieren,

die in vroegere tijden in dit uitgestrekte land verblijf hielden. Het

schijnt dat ook het geslacht der bisons weldra uitgestorven zal

zijn, want zij worden diep in het binnenland gedreven en vervolgd;

en het tijdstip kan dus niet ver meer af zijn, dat de laatste bison

voor zijne talrijke vijanden bezwijkt, en dit geslacht even als dat

zijner reusachtige voorgangers tot de geschiedenis behoort. Ofschoon

de bison van Amerika zeer sterk is, vertrouwt hij toch meer op zijne

vlugheid om zijne vervolgers te ontkomen, dan gebruik te maken van

de verdedigingsmiddelen die de natuur hem geschonken heeft. De vorm

van den bison is zeer onbevallig, zijn groote kop hangt laag naar den

grond, alsof hij te zwaar is voor het lichaam. Desniettemin loopt hij

in een soort van galop en met zulk een vaart, dat een jager wel een

goed paard mag hebben, zal hij hem inhalen. De stieren loopen altijd

voorop en aan de kanten, terwijl de koeien en kalveren in het midden

blijven. Het verwarde haar hangt over hunne kleine, schitterende

oogen, en zij draven onder wolken van stof over de vlakten. Wee het

ongelukkige schepsel, dat hen in den weg komt; het wordt door de

krachtige aanvoerders ter aarde geworpen en verpletterd.

Het vleesch van den bison is zeer smakelijk, en wordt door de

Amerikanen zelfs boven dat van tam rundvee verkozen; vooral de tong

en het vleesch van de schouders moeten een ware lekkernij zijn. Het

vleesch wordt gedroogd en aan stukken gestampt, en is het beste en

duurzaamste voedsel voor jagers en handelsreizigers, terwijl het vel

van den bison hen tot beschutting dient tegen de strenge koude, wanneer

zij op de sneeuwvelden willen overnachten. De bison is ongeveer 3 meter

lang, en weegt van 600 tot 700 kilogram. Het wijfje van den bison

is slanker gebouwd, heeft een langeren hals en dunner pooten. Beide

seksen bezitten korte, dikke, zwarte horens, die naar buiten steken

en ver van elkander staan. Over het algemeen is de kleur van het haar

aan den kop zwart en aan de overige deelen van het lichaam bruin.

Somtijds bevangt deze dieren plotseling een hevige schrik. In

onstuimige vaart draven zij dan voort, totdat eensklaps de opgewonden

kudde op een rotskloof stuit, welks steile wanden loodrecht naar

beneden zinken. De aanvoerders deinzen terug voor de diepte die

zich eensklaps vertoont, en blijven een oogenblik staan, als om

zich gereed te maken tot een wanhopigen sprong. Maar opgedrongen

door de massa die achter hen is, worden zij voortgestuwd en in den

afgrond neergestooten. Een afgrijsselijk tooneel grijpt thans plaats:

groote troepen vallen op elkander in den afgrond, totdat de diepte

met doode en stervende bisons is gevuld. Bij zulke gelegenheden komen

er honderden om, die een prooi worden van de gieren en wolven, die

steeds belust zijn op zulk een feest.

De bison behoeft geen van de dieren te vreezen, die met hem dezelfde

streken bewonen, want als hij aangevallen wordt, komen al zijn

broeders hem te hulp. Slechts als hij door den pijl van een Indiaan

of door een kogel gewond is, wordt dit groote dier het slachtoffer

van zijne viervoetige vijanden. De listige witte wolven vreest hij

het meest, want deze zwervelingen bespeuren spoedig dat hij zwak of

ziek is, en gaan dan in menigte op hem af, met het doel om hem te

verscheuren. Maar de bison bezwijkt niet zonder pogingen te doen om

zijn leven te redden. Hij verdedigt zich met zijn krachtigen kop,

en is moedig en dapper tot het laatste oogenblik, maar zijne knieën

knikken onder het gewicht van zijn lichaam, dat door bloedverlies is

verzwakt. De wolven vallen hem van alle kanten aan. Met hunne scherpe

tanden rijten zij zijne huid open, telkens te vlug achteruit gaande

om door zijne horens of hoeven getroffen te worden. Zijne pogingen

om de sprongen van de wolven te ontduiken zijn te vergeefs; hij

spant zijne laatste krachten in, springt op een van de wolven los,

maar valt tegelijkertijd op het lichaam van zijn vijand neer, te zwak

om den ongelijken strijd voort te zetten en niet in staat om weer op

te staan. De hongerige wolven vallen op hem aan, en weldra is er van

den bison niets meer over dan alleen zijn geraamte.

Er is een ander dier dat met den bison naar de heerschappij dingt,

namelijk de grijze beer. Deze gevreesde inwoner van het verre westen

is een zeer gevaarlijke tegenpartij zoowel voor menschen als voor

dieren. Gelukkig valt hij zelden aan, en als hij kan, vlucht hij

liever dan te vechten. Maar dit is niet het geval als hij in zijn

maaltijd gestoord wordt, of als hij niet vluchten kan, of nog erger,

als het dier een wijfje is en jongen heeft; dan mogen jagers en dieren

wel voorzichtig zijn, want dan is de aanval moorddadig en wanhopig.

De grijze beer is zeer sterk. Als hij een bison heeft kunnen dooden,

sleept hij het zware lichaam naar zijn hol en verscheurt het daar. Is

hij volwassen, dan klimt hij niet meer in de boomen, waaraan reeds

vele jagers hun leven te danken hebben. De grijze beer wordt zeer

zelden naar Europa overgebracht, en blijft in de gevangenschap zeer

ruw en woest.

Ofschoon de grijze beer een groot en lomp lichaam heeft, kan hij toch

vlug loopen, zoodat een jager, op een goed paard gezeten, te nauwernood

aan zijne woede ontsnapt. Als de grijze beer zijn vijand achtervolgt,

neemt hij groote sprongen, brult verschrikkelijk en tracht zijn vijand

met zijne scherpe klauwen te grijpen. Gelukkig kan hij den wedloop

niet lang volhouden. Geraakten de bison en de grijze beer met elkander

aan 't vechten, dan zou de strijd vreeselijk zijn, en de uitkomst

er van moeielijk te voorspellen. Maar de beer komt niet dikwijls in

aanraking met den bison, daar hij in het dichte kreupelhout huist, en

de bison een bewoner is van de opene vlakte. Tusschenbeide gebeurt het

toch. Op onze plaat wordt een grijze beer verrast door een stoot met

den harden kop van den bison. Kunnen wij ook den afloop van het gevecht

bezwaarlijk raden, wij mogen ons verzekerd houden dat de bison al het

mogelijke zal doen om zijn mededinger naar het koningschap te verslaan.

Schetsen uit de Dierenwereld · 第 19 / 24 题