228. Bemiddeld--gegoed--vermogend--welgesteld--rijk.

_In het bezit van veel geld of goed zijnde._

~Bemiddeld~ beteekent: van vele middelen voorzien, om een gemakkelijk

leven te kunnen leiden. ~Gegoed~ wil zeggen: _veel goed bezittende_

(nl. roerende en onroerende goederen), zoodat men meer bezit, dan men

noodig heeft; het is dus sterker dan bemiddeld. ~Welgesteld~ is hij,

die zooveel bezit, dat hij wèl (ruim) kan leven (hij is wèl gesteld =

goed geplaatst in de maatschappij); het is nog iets sterker dan gegoed.

~Rijk~ is: een grooten overvloed van iets bezittende, ook fig.: _een

~rijke~ oogst, ~rijk~ aan verstand_. ~Vermogend~ zegt, dat men een

groot vermogen (kapitaal) bezit. (Het kan ook beteekenen _veel invloed

uitoefenende_, doch dan is 't afgeleid van _vermogen_ = _kunnen_: _een

~veelvermogend~ minister_.)

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 247 / 279 题