119. Bedroefd--droevig--treurig--bedrukt.

_Het tegengestelde van blijde, opgewekt._

~Bedroefd~ wijst aan, dat de oorzaak der droefheid buiten ons ligt. _Hij

is zeer ~bedroefd~ over het verlies van zijn vader._

~Droevig~ en ~treurig~ laten in het midden, of de gemoedstoestand door

oorzaken van buiten teweeg gebracht wordt, dan wel een gevolg is van

innerlijke gesteldheid. Den ~bedroefde~ kan men van zijn smart bevrijden

door hem het verlorene terug te geven, of wel die smart kan door

troostwoorden eenigszins gelenigd worden; de ~droevige~ of ~treurige~ is

eigenlijk niet voor troost vatbaar (men weet immers de oorzaak niet!),

hij kan alleen opgevroolijkt worden.--~Droevig~ verschilt hierin van

~treurig~, dat het een kortstondiger toestand dan treurig aanwijst;

treurig is dus sterker. _Hij is reeds lang ~treurig~ gestemd; het wordt

tijd, hem op te vroolijken.--Haar ~droevige~ stemming van gisteren is

weer geheel geweken._

~Droevig~ en ~treurig~ worden ook van zaken gebezigd, om aan te duiden,

dat zij door een droevige of treurige stemming gekenmerkt zijn, of zulk

een stemming veroorzaken. _Het waren ~treurige~ dagen, toen de oorlog

het land verwoestte en den grond met bloed drenkte.--Het was een

~droevig~ oogenblik, toen hij bij zijn vertrek naar de Oost van zijn

oude moeder afscheid moest nemen.--Onlangs is hier een ~droevig~ ongeluk

gebeurd._ (Een _treurig_ is sterker!)

~Bedrukt~ wijst aan, dat iemand door zijn droefheid wordt terneergedrukt

en dit niet verbergt, zoodat zijn droefheid uit zijn houding blijkt, of

op zijn gelaat staat te lezen. _Toen ik hem ontmoette, zag hij zeer

~bedrukt~, zoodat ik aanstonds een onheil vermoedde._

* * * * *

Het was voor ons een -- tijd, toen onze vader van oneerlijkheid

verdacht werd.

Hij was zoo -- over den dood zijner vrouw, dat men voor

verstandsverbijstering vreesde.

Het is een -- gezicht, als men op een blindenschool het jonge volkje

ziet zitten.

Het is --, dat Christenen elkander nog den oorlog aandoen.

Aan zijn -- gelaat zag ik reeds, dat hij niet geslaagd was.

Hij was zoo -- te moede, dat hij in niets belang stelde.

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 135 / 279 题